Kol.1:16-17 want in Hem zijn alle dingen geschapen, die in de hemelen en die op de aarde zijn, de zichtbare en de onzichtbare, hetzij tronen, hetzij heerschappijen, hetzij overheden, hetzij machten; alle dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen;
17 en Hij is vóór alles en alle dingen hebben hun bestaan in Hem;

 

(vers 16) “alle dingen geschapen, die in de hemelen en die op de aarde zijn, de zichtbare en de onzichtbare, hetzij tronen, hetzij heerschappijen, hetzij overheden, hetzij machten; alle dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen.”
Toen Adam geschapen werd, had God de laatste Adam op het oog.
Wie was er eerder? Antw.: het model, het beeld Gods. Adam is naar dat beeld geschapen. De zoon van Gods liefde was dus eerder. ALLE dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen. Even terug. De zoon is de eerstgeborenen van elk schepsel, Hij (de zoon) is geen (mede)schepper!.
Hij is het beeld waarin, waardoor, waartoe ALLES geschapen is. God is De Schepper (enkelvoud).
Zie Job 9:8 “Hij spant geheel alleen de hemel uit.”
Zie Jes.44:24 “Ik ben de HERE, die alles gemaakt heb; die de hemel heb uitgespannen, Ik alleen; die de aarde uitgebreid heb door eigen kracht.”

(vers 17) “en Hij is vóór alles en alle dingen hebben hun bestaan (samenhang) in Hem;” De zoon was er al voordat er iets geschapen werd als woord(logos) en als beeld. In de grondtekst staat voor het woord ‘bestaan’ een woord dat samenhang betekent. Hij is de samenbindende factor die alles bij elkaar brengt. Hij ligt aan alles ten grondslag. De schepping is een eenheid, de schepping is uit één beeld voortgekomen.

This post has already been read 127 times!