oceaanSoms kom je overdenkingen van Schriftplaatsen tegen die je iets anders vertellen  dan je altijd hebt gehoord of gedacht. Dit onderwerp zou er zo één kunnen zijn. Ik wil daarbij nadrukkelijk aangeven dat ik niets weet. En als ik al iets zou weten, dan heb ik het in genade ontvangen. Mijn oproep is: onderzoek zelf de Schriften of hetgeen ik naar voren breng zo is.

Bijbeltekst  1: 2 Petr.2:4-9
Want indien God
(1) engelen, die gezondigd hadden, niet gespaard heeft, maar hen, door hen in de afgrond te werpen, aan krochten der duisternis heeft overgegeven om hen tot het oordeel te bewaren (…)
(2) en de wereld van de voortijd niet gespaard , maar Noach, de prediker der gerechtigheid, met zeven anderen bewaard heeft,  toen de zondvloed over de wereld der goddelozen bracht
(3) en de steden Sodom en Gomorra tot as verbrand, tot omkering gedoemd en ten voorbeeld gesteld heeft voor hen, die goddeloos zouden leven, maar de rechtvaardige Lot, die zwaar te lijden had onder de losbandige wandel der zedelozen heeft behouden (…)

Bijbeltekst  2: 2 Petr.3: 5-7
Want willens en wetens ontgaat hun, dat door het woord van God de hemelen er sedert lang geweest zijn en de aarde, die uit en door water bestaat, waardoor de toenmalige wereld is vergaan, verzwolgen door het water.
Maar de tegenwoordige hemelen en aarde zijn door hetzelfde woord als een schat weggelegd, ten vure bewaard tegen de dag van het oordeel en van de ondergang der goddeloze mensen
(…) (10) Op die dag zullen de hemelen met gedruis voorbijgaan en de elementen door vuur vergaan, en de aarde en de werken daarop zullen gevonden worden
(…)(13) wij verwachten echter naar zijn belofte nieuwe hemelen en een nieuwe aarde

Context Petrus 2 en Petrus 3
Als je naar de context kijkt van de twee bijbelteksten (hoofdstukken) dan zie je een aantal dingen
-In 2 Petr.2 geeft Petrus drie inhoudelijke  voorbeelden
-In 2 Petr.3 geeft Petrus de grote lijn weer, namelijk een toenmalige wereld, huidige (tegenwoordige) hemelen en aarde en toekomstige nieuwe hemel en aarde
In de Schrift lezen we dus over drie aardes. Petrus noemt één aarde, een aarde die uit en door water bestaat (2 Petr.3:5)
De aarde is niet alleen een ‘planeet’ maar ook een locatie. Denk aan de hemel is mijn troon en aarde de voetenbank (Jes.66:1)

Dus nogmaals samengevat:
-Hoofdstuk twee geeft drie inhoudelijke voorbeelden en hoofdstuk drie het grote plaatje.
-Let ook op hoe Petrus aangeeft in hoofdstuk 3 dat één dag bij de Here is als duizend jaar en duizend jaar als één dag.
-En hoe Petrus begint in hoofdstuk 3 met hoe spotters zeggen (…) waar blijft de belofte van zijn komt(…) want alles blijft hetzelfde zoals het geweest is….en dan gaat Petrus weergeven dat er drie aardes zijn.

Gods woord verteld niet hoe oud de schepping is. Een ‘christen’ zal u vertellen dat de aarde een jaar of 6000 oud is. Maar neem 2 Petr.3 erbij , dan  zie je dat er een ‘oude’ aarde was, een tegenwoordige en er zal een nieuwe komen. De 6000 jaar hebben m.i. betrekking op de huidige aarde.

Laten we Jesaja erbij nemen, Jes.45:18 Hij is God die de aarde geformeerd en haar gemaakt heeft, Hij heeft haar gegrondvest, niet tot een baaierd(*) heeft hij haar geschapen maar ter bewoning heeft Hij haar geformeerd. In Job 38 lezen over de blijdschap van de morgensterren en de zonen van God toen God de aarde grondvestte. Dat is vast zetten. Zorgen dat het solide is. De aarde straat vast.
(*baaierd. In het Hebreeuws staat leegte)
Met de kennis van Petrus (hoofdstuk 3) zou je de vraag kunnen stellen, voor wie heeft God haar geschapen ter bewoning? Het antwoord kan je bijvoorbeeld in Jes.45 vinden waar God spreekt tot Kores (een mens) en tot het leem (de mens) en vanuit Genesis weten we dat het ook de dierenwereld betreft. In ieder geval is de huidige aarde ter bewoning van de mens (en dier).

Centrale vraag:
Beschrijft Petrus  de vloed van Noach in hoofdstuk 3 ?
OF is hoofdstuk drie het grote plaatje zonder inhoudelijke voorbeelden? En verwijst het naar een andere situatie die ‘de woestheid en ledigheid’ veroorzaakt heeft (Gen.1:2) ? Verwijst het naar het eind stadium van de oude (eerste) aarde?

Het woord van God heeft mij overtuigd dat er iets is gebeurt tussen Gen.1:1 en Gen.1:2, en dat de dooreenwerper daar mee te maken heeft. Dat er een gebeurtenis heeft plaats gevonden tussen vers 1 en 2. Het woord heeft mij overtuigd dat Petrus in hoofdstuk 3 NIET de vloed van Noach aanhaalt, maar verwijst naar de (eind)toestand van de eerste aarde, die uit en door water was.

Zo lezen we ook in Gen.1…en Gods geest zweefde over de wateren
Daarna begint God te vertellen aan Adam wat HIJ, de ene almachtige God, heeft geformeerd, heeft gemaakt, heeft gecreëerd.

Nogmaals mijn advies aan u : onderzoek en weeg zelf de argumenten.

This post has already been read 594 times!