144.000 – mannelijke zoon?

(4 feb laatste toevoeging: fundament nieuwe Jeruzalem, )

Tijdens een bijbelstudie avond over Daniel 9 hebben we gisteravond (1 feb) ook stilgestaan bij de 144.000. Omdat ik bepaalde gedachten over deze groep niet los kon laten, heb ik nogmaals diverse teksten gelezen. Dankzij een aantal bijbelteksten mogen we iets meer weten van deze speciale groep , die God gebruikt in Zijn heilshandelen.

(NBG) Openb. 7:4 En ik hoorde het getal van hen, die verzegeld waren: honderdvierenveertigduizend waren verzegeld uit alle stammen der kinderen Israëls. (WB twaalfduizend uit elke stam)

(NBG) Openb. 14:1-5 En ik zag en zie, het Lam stond op de berg Sion en met Hem honderdvierenveertigduizend, op wier voorhoofden zijn naam en de naam zijns Vaders geschreven stonden. 2 En ik hoorde een stem uit de hemel als de stem van vele wateren en als de stem van zware donder. En de stem, die ik hoorde, was als van citerspelers, spelende op hun citers; 3 en zij zongen een nieuw gezang vóór de troon en vóór de vier dieren en de oudsten; en niemand kon het gezang leren dan de honderdvierenveertigduizend, de losgekochten van de aarde. 4 Dezen zijn het, die zich niet met vrouwen hebben bevlekt, want zij zijn maagdelijk. Dezen zijn het, die het Lam volgen, waar Hij ook heengaat. Dezen zijn gekocht uit de mensen als eerstelingen voor God en het Lam. 5 En in hun mond is geen leugen gevonden; zij zijn onberispelijk

In Openbaring 21 komt u nogmaals het getal honderdvierenveertig tegen.
vers 10 …en toonde mij de heilige stad, Jeruzalem, nederdalende uit de hemel, van God
vers 12 …En zij had een grote en hoge muur en zij had twaalf poorten ……, en namen op (de poorten) geschreven, welke zijn die van de twaalf stammen der kinderen Israëls
vers 15-17 En hij, die met mij sprak, had een gouden meetstok om de stad op te meten, en haar poorten en haar muur. 16 En de stad lag in het vierkant en haar lengte was even groot als haar breedte; en hij mat de stad op met de stok: twaalfduizend stadiën; haar lengte en haar breedte en haar hoogte waren gelijk. 17 En hij mat haar muur op: honderd vierenveertig el, mensenmaat, die engelenmaat is.
vers 22 En een tempel zag ik in haar niet, want de Here God, de Almachtige, is haar tempel, en het Lam. 23 En de stad heeft de zon en de maan niet van node

Het bijbelgedeelte lijkt in verborgen termen aan te geven dat de speciale groep van honderdvierenveertigduizend verzegelden ’de muur’ vormen van het nieuwe Jeruzalem. En dat de twaalf stammen der kinderen Israëls de poorten vormen en de 12 apostelen de fundamenten (vers 14). Een rare gedachte? In 1 Petr.2:5 lezen we…  en laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw van een geestelijk huis. Dat is bijzonder, daar heb ik nooit bij stil gestaan.

Wat verder opvalt is dat deze groep ‘gekocht zijn uit de mensen als eerstelingen’. Jacobus 1 vers 17 en 18 spreekt hier ook over: 17. daalt van boven neder, van de Vader der lichten, ……. 18 Naar zijn raadsbesluit heeft Hij ons voortgebracht door het woord der waarheid, om in zekere zin eerstelingen te zijn onder zijn schepselen.
Jer.2:3 toen gij Mij gevolgd waart in de woestijn, in onbezaaid land; 3 Israël was de HERE geheiligd, de eersteling zijner opbrengst

(De bijbeltekst Jes.66:7-9 heeft frapante gelijkenissen met Openb 12. Maar ik zal u eerlijk zeggen dat ik niet goed kan verklaren waarom in jesaja gesproken wordt van Voordat zij smarten kreeg, heeft zij gebaard; voordat de weeën haar overvielen, heeft zij een zoon ter wereld gebracht’,  terwijl Openb 12 spreekt van ‘ en zij was zwanger en schreeuwde in haar weeën en in haar pijn om te baren’)

Als bovenstaande zo is, dan weten we dat de heilige stad is nedergedaald uit de hemel. De vraag die je nu zou kunnen stellen is , hoe zijn de honderdvierenveertigduizend , die de muur vormen, ‘in de hemel gekomen’
in Openb 12 :4-6 lezen we dit …..En de draak stond voor de vrouw (Israel), die baren zou, om, zodra zij haar kind gebaard had, dit te verslinden. 5 En zij baarde een zoon, een mannelijk wezen, dat alle heidenen zal hoeden met een ijzeren staf; en haar kind werd plotseling weggevoerd naar God en zijn troon.

Zou ‘haar kind’  de honderdvierenveertigduizend verzegelde kunnen zijn,  die voortkomen als ‘groep’ of als ‘volk’ uit de vrouw (Israel)?

Mijn advies aan u is : Toetst alles en behoudt het goede.

 

Posted in Uncategorized | Leave a comment

Discipelen, apostelen, (de) twaalf

Voordat ik deel drie wil plaatsen over ‘het evangelie in een notendop’ wil ik terugkomen op het apostelschap. In mijn vorige Blogje heb ik heel kort iets geschreven over de dertiende apostel, Paulus, en dat hij niet voor niets juist de dertiende apostel was.

Tijdens het lezen en bestuderen van de Schrift kwam ik er achter dat ik eigenlijk weinig weet over discipelen, apostelen en ’(de) twaalf’.  Daarnaast kwamen er vragen in mij op: waarom koos de Heer juist deze mannen? en wie zijn deze mannen? Welke kenmerken hebben ze? etc.

Laten we bij het begin beginnen. Als we de schrift opslaan komen we in Lucas 6:12-14  alle drie de woorden tegen (apostel, discipel, twaalf) en alle namen.
En het geschiedde in die dagen, dat Hij naar het gebergte ging om te bidden, en Hij bracht de nacht door in het gebed tot God. 13 En toen het dag geworden was, riep Hij zijn discipelen tot Zich en koos er twaalf uit, die Hij ook apostelen noemde: 14 Simon, die Hij ook Petrus noemde, en Andreas, zijn broeder, en Jakobus en Johannes, en Filippus en Bartolomeüs, 15 en Matteüs en Tomas, [en] Jakobus, de zoon van Alfeüs, en Simon, bijgenaamd de Zeloot, en Judas, de zoon van Jakobus, 16 en Judas Iskariot, die de verrader geworden is…….vers 17 En Hij daalde met hen af en bleef staan op een vlakke plaats en (daar) was een grote schare van zijn discipelen en een grote menigte van volk uit het gehele Joodse land en Jeruzalem en van Tyrus en Sidon aan de zee,

Het eerste wat opvalt is dat de Heer, voordat hij uit zijn discipelen (daar waren er veel meer van) een keuze maakt, zich eerst terugtrekt om te bidden (een nacht lang). Het is mijn stellige overtuiging dat onze Heer in iedergeval met Vader gesproken heeft over ‘wie hij zou gaan kiezen’ (Gr. eklego G1586) tot het apostelschap. Wij staan er als gelovigen misschien niet bij stil, maar net zoals in Luc.22:32 de Heer voor Petrus heeft gebeden, dat zijn geloof niet ophoude, zo pleit de Heer die ter rechter Gods is, ook voor ons (Rom.8:34). U bent dus in hele goede handen!

 Het volgende wat opvalt is dat hij afdaalt met hen (de apostelen) . Ze komen van boven naar beneden. (Voor de liefhebber: u kunt zich afvragen waarom er beschreven staat dat ze ( de Heer en apostelen) bleven staan op een vlakke plaats! en waarom er beschreven staat wie er dan deel uitmaken van de ‘grote menigte’ . Ik heb daar wel gedachten over, maar dat is niet het onderwerp voor deze Blog) 

Discipel – Gr. Mathetes (G3101)
betekenis: een leerling, een volgeling , een aanhanger. Johannes had ook discipelen (Math.9:14)
-Math.10:24 Een discipel staat niet boven zijn meester
-Joh.19:38  En daarna vroeg Jozef van Arimatea, een discipel van Jezus, maar in het verborgen uit vrees voor de Joden

Apostel – Gr. Apostolos (G652)
- betekenis: ‘iemand die gezonden is’
Maar let op: het kenmerk, HET merkteken van een apostel is dat de persoon getuigen is geweest van de opstanding! Vandaag de dag zijn er dus geen apostelen. Besef ook dat God het woord aan hen (apostelen en profeten) bekend maakte . Evangelisten, herders en leraren maken dus alleen gebruik van wat op schrift gesteld is

-Gal.1;11 Maar ik maak u bekend, broeders, dat het Evangelie, hetwelk door mij verkondigd is, niet is naar de mens. Want ik heb het ook niet van een mens ontvangen, noch geleerd, maar door de openbaring van Jezus Christus).
-1 Kor.4:9 (S.V) Want ik acht, dat God ons, die de laatste  apostelen zijn (*1), ten toon heeft gesteld. (*1  en m.i. niet  zoals de NBG vertaald met de ‘laatste plaats’….)
-1 Kor.9;1-2  Ben ik niet vrij? Ben ik geen apostel? Heb ik niet Jezus, onze Here, gezien?
-1 Kor.15:5 en Hij is verschenen aan Kefas, daarna aan de twaalven. Vervolgens is Hij verschenen aan meer dan vijfhonderd broeders tegelijk
-Marc.3:14  opdat zij met Hem zouden zijn en opdat Hij hen zou uitzenden om te prediken
-Efez.2:20 gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten, terwijl Christus Jezus zelf de hoeksteen is
-1 Kor.9:1-2  Ben ik niet vrij? Ben ik geen apostel? Heb ik niet Jezus, onze Here, gezien? Zijt gij niet mijn werk in de Here? 2 Indien ik voor anderen geen apostel ben, voor u toch zeker wèl; want het zegel op mijn apostelschap zijt gij in de Here

Twaalf - Gr.Dodeka (G1427)
In Luc.6 :12-14 lezen we dat de Heer twaalf uitkoos die Hij apostelen noemde. Waarom twaalf? Dat twaalf een verwijzing naar Israel in zich heeft zal niemand verbazen. Maar er zit nog meer achter. In het Hebreeuws is de Lamed de twaalfde letter. Een prikstok , waarmee je corrigeert of iets in beweging zet (zie ook Paulus en prikkels ..verzenen )
De Heer zette iets in beweging. Direct na de twaalf komt de dertien. De Heer plus ’de twaalf’  is dertien. Toen de Heer zich ter rechter stelde , riep de verheerlijkte Heer de dertiende apostel. Voor vele misschien een raar idee, maar dertien drukt in het Hebreeuws eenheid uit. De 10 woorden die op Sinai (getalswaarde 130)gegeven zijn drukken de ‘volmaakte eenheid uit’. Waar vele gelovige misschien niet bij stil staan is dat er een hele goede rede is waarom de Heer niet direct dertien apostelen heeft geroepen. Alles in de Schrift wijst er op dat het ‘koninkrijks evangelie’ (aards gericht) eerst bekend werd gemaakt aan Israel, waarna het ‘genade evangelie’ (naar boven gericht en dat bekend werd gemaakt door Paulus) , de ‘focus op de Natien’ heeft. (zie ook Paulus en prikkels ..verzenen )

In de volgende blog wil ik alle details beschrijven van alle apostelen, waardoor we een beter inzicht krijgen wie de mannen waren die de Heer uitkoos. Laat ik u alvast dit vertellen, de Heer koos niet de beste en niet de sterkste en niet degene die zich geweldig konden beheersen.

……..en daarna (d.v.) deel 3 van evangelie in notendop

Posted in Uncategorized | Leave a comment

Evangelie in een notendop (deel 2)

Opvallende zaken.
De diepere laag die ik in grote lijn in deel één heb beschreven wordt m.i. bevestigt als u onderstaande vragen in u opneemt.

A-Waarom lezen we in hoofdstuk 27 keer op keer van  (uit)reddingen die er plaats vinden? en lezen we niet hoe het afloopt met Paulus in Rome? Waarom citeerd Paulus in Hand.28:26 de zware woorden van Jes 6:9 tegen de voormannen (leiders) der Joden in Rome die ‘noch brieven Paulus aangaande van Judéa , of iets kwaads geboodschapt of gesproken, ontvangen hadden….. , die niet geweldadig waren en waarvan sommige hem zelfs geloofden? (alleen Jezus heeft de tekst Jes.6:9 in Math.13:14 gebruikt)
Voor het antwoord moet u de ‘rode draad’ vasthouden die in Handelingen beschreven wordt. Hoofdstuk 1 vers 6 stellen de discipelen aan Jezus deze vraag: herstelt U in deze tijd het Koninkrijk voor Israël? In Handelingen 28:26 krijgt u het antwoord. Israël ziet, hoort en verstaat het niet. Israël bekeert zich niet en God herstelt hen niet.

B-Als u het bijbelgedeelte  Hand28:1-11 leest u NIET dat Paulus het evangelie verkondigt op Malta. En dat is opvallend. Wel geneest hij.

C-Verder is opvallend  hoe Paulus reageert als men hem een god noemt. In Hand.14:13 lijkt hetzelfde te staan , maar  daar staat m.i. iets anders. Na de genezing van de man, die geen macht had over zijn voeten  had (te Lystra) zei de menigte:  de goden zijn, in mensengedaante, tot ons neergedaald; …. En de priester van Zeus-voor-de-stad bracht stieren en kransen aan bij het poortgebouw en wilde met de scharen offeren, maar toen de apostelen Barnabas en Paulus DAT hoorden (m.i. dat men wilde offeren), scheurden zij hun mantels en sprongen naar voren onder de schare. M.i. reageerde Paulus niet op Malta (en te Lystra) op de uitspraak ‘dat hij een god’ zou zijn, omdat ze met die gedachte er niet veel naast zaten. Versta mij goed, Paulus was een mens, met al zijn gebreken, maar ondanks zijn aardse tent, maakt hij wel deel uit van het lichaam van Christus.

Het getal 276 
We gaan weer terug naar onze tekst in Hand.27:36 waar staat: Wij waren nu in het geheel aan boord met tweehonderd zesenzeventig man

WB:Vanuit het nieuwe testament wil ik u meenemen naar de Hebreeuwse benadering van het getal 276.  In de Hebreeuwse taal zit een verband tussen woorden als een aantal stamletters gelijk zijn. Ook hebben de letters een waarde. Dezelfde woordwaarden geven ook een verband aan.
 
200 (resh~hoofd/eerste) + 70 (ayin~oog/bron) + 6 (vau~haak/iets vastzetten, mens)
 
Lucas , de geliefde geneesheer (Kol.4:14) heeft niet voor niets deze geschiedenissen (Hand.27 en 28) zo gedetailleerd opgeschreven. Het getal 276 heeft daarom ook een specifieke betekenis. Alleen door schrift met schrift te vergelijken is er een zinnige betekenis aan te geven.
Het is ongelofelijk hoe nauwkeurig de geschiedenis in Hand.27 aansluit met de betekenis van het getal!
 
-Hebreeuwse woord  ‘Kin nor’ = harp heeft  de waarde 276.
*Gen.4:21  En de naam van zijn broeder was Jubal; hij is de vader geworden van allen, die citer en fluit bespelen
*1Sam.16:14 …iemand zoeken, die op de citer kan spelen. Als dan de boze geest Gods over u komt, moet hij die bespelen, en gij zult u beter voelen.
Misschien vraagt u zich af  wat dit met Hand.27 te maken heeft.  Maar een groot deel van het leven van onze Heer speelt zich af rond het Meer van ‘kinneret’ (meer van Genesareth of Galilea of Caperaum of Tiberias).  Juist in die streek (Capernaum , Galilea) vind een massale afwijzing plaats van het woord dat de Heer brengt.  Niet voor niets zegt de Heer in Math.11:23  En gij, Kafarnaüm, zult gij tot de hemel verheven worden? Tot het dodenrijk zult gij nederdalen; want indien in Sodom de krachten waren geschied, die in u geschied zijn, het zou gebleven zijn tot de dag van heden. Hier ziet u het principe : afwijzing van het woord, men werpt het ‘overboord’.
 
-Hebreeuwse woord ‘Iwe’ = blind heeft de waarde 276 (70 6 200)
De bron (Israel) zag (de woorden) niet meer.  Math 13:13 Daarom spreek Ik tot hen in gelijkenissen, omdat zij ziende niet zien en horende niet horen of begrijpen.
Ook hier ziet u het principe : afwijzing van het woord, men werpt het ‘overboord’.

-Hebreeuwse woord ‘Re uw’ = zoon van Peleg heeft de waarde 276
 Peleg is één van de 70  zonen van Sem, Cham en Jafet (Gen.10:32 Dit zijn de geslachten der zonen van Noach naar hun afstammingen, in hun volken. En van dezen verdeelden zich de volken op de aarde na de vloed )
  In Exod.15:27  lezen we dit, toen kwamen zij (Mozes en de Israëlieten) te Elim, en daar waren twaalf waterfonteinen (= beeld van De Bron, het woord), en zeventig palmbomen; en zij legerden zich aldaar aan de wateren. Hier ziet u ook een verbinding naar  Hand 27 en 28, naar het volk , wat de bron is.
 Er staat dus in Exod.15:27 dat aan Israel het woord is toevertrouwd en zij de bron zijn voor alle volkeren.  Lees ook Rom.3:1-2 Wat is dan het voorrecht van de Jood …. 2 Velerlei in elk opzicht. In de eerste plaats dit, dat hun de woorden Gods zijn toevertrouwd. 

  
Honing (Hand.28:1). We lezen in vers 1: eerst toen wij in veiligheid waren, vernamen wij, dat het eiland Malta heette.  Prima denkt u, Malta is een mooi vakantie eiland. Maar Malta (Gr. Melita) betekent honing.  Vanuit het Hebreeuws weten we dat  ‘honing’  een beeld is van Gods Woord  (zie bijvoorbeeld Exod.16:15 en 31, Ps.119:103,  Joz.5:6 … land van melk en honing). Er zal een land komen dat overvloeit van Gods Woord.  Melk is ook een beeld van Gods woord , maar is vooral voor de ‘kinderfase’ bedoeld.( 1 Kor.3:1-3)  Honing  is vaste spijs,  die verzameld wordt door een  bij.  Deze doet het vliegend,  dit duid op geestelijke diepgang .
Dat het eiland vol was van honing (Gods woord) zien we aan de inwoners.  Vers 2  En de inlanders bewezen ons buitengewone menslievendheid.
 
Veiligheid. Opvallend is dat het specifieke  Griekse woord hier (diesothesan G1295) ook gebruikt wordt in 1 Petr.3:2 in de dagen van Noach, terwijl de ark in gereedheid werd gebracht, waarin weinigen, dat is acht zielen, door het water heen gered werden.
 
Net voor dit gedeelte, kunt u in Hand.27:38 lezen dat het graan (=ook een beeld van Gods Woord, net als honing en melk)  dat toevertrouwd was aan het schip (=Israel), in de zee (beeld van volkeren) is geworpen.  Ook hierin vinden we een rede  van de  onderliggende boodschap waarom in vers 1 beschreven staat dat men in veiligheid was gekomen.  Het genade evangelie was nu (via de apostel Paulus) voor de volkeren (de onbesnedenen) beschikbaar!  En Paulus, de dertiende apostel, mocht dit genade evangelie herauten.  In Rom 11:14 lezen we dat zijn ‘focus’ de heidenen waren (met het genade evangelie),  en als hij daarbij enige uit hen (Israel) kon bereiken, was het goed.
 
Een zijstapje: dertien is een geluksgetal.  Het Hebreeuws woord voor één is ‘echad’, en staat voor God.  Als u naar de getalswaarde van het Hebreeuwse woord voor liefde kijkt, dan zult u zien dat daar dertien uitkomt, net als bij echad. Opvallend is dat Paulus de dertiende apostel is.
 
 
Op dit moment  wil ik het hierbij laten . Mijn intentie is om komende week (d.v.) deel 3 te plaatsen

Posted in Uncategorized | Leave a comment

Evangelie in een notendop (deel 1)

Algemene toelichting : omdat ik dyslectisch ben zullen er ongetwijfeld spelfouten in onderstaande toelichting staan, ik hoop dat u daar doorheen leest. Tijdens het verzinnen van de titel vroeg ik mij af , is het nu notedop of notendop? in iedergeval dekt het de lading van de BLOG,  een note(n)dop is een (klein) schip, en daar gaat dit gedeelte over!

 Al weer een tijd geleden schreef ik dat ik graag iets meer wilde vertellen over de ‘slang die zich vastbeet in de hand van Paulus’ . Vandaag wil ik die belofte inlossen, en iets heel bijzonders met u delen.  Een groot gedeelte  van Handelingen 27 en het begin van Handelingen 28 bevatten zeker één diepere geestelijke laag,  namelijk ‘ het evangelie in een notendop’, en dan specifiek voor de Natiën.
Deze diepere laag wordt goed zichtbaar als je de geschiedenissen gaat  samenvatten en schrift met schrift gaat vergelijken.  Hopelijk bent u , net als ik , ook blij verrast met de ongelofelijk nauwkeurigheid van Gods woord en de bijzondere bemoedigingen die door deze diepere geestelijk laag zichtbaar worden.

Samenvatting (Hand.27 vers 1   tm  Hand.28 vers 10)
(1)- Het Schip (=beeld van Israel) wat uit koers raakt door (geestelijke ) tegenwinden (14 nachten),  geeft de lading graan (= o.a. beeld van het woord en prediking dat aan Israël was toevertrouwd) aan de zee (= het beeld van de volkeren). 

(2)- (Hand. 28 vers 1 tm 10)  Paulus en zijn ‘volheid/eenheid (276)’ worden gered!, en komen aan land van Malta (Malta betekent honing)

(3)- De slang wordt in het vuur geworpen / hout verbrand.
menselijke werken  zullen verbranden (voor de Bema) en de slang  in het vuur (is een beeld van satan die gebonden zal worden en uiteindelijk in de poel des vuurs geworpen zal worden)

(4)- De genezingen op het eiland (in Hand.28:7-10) zijn een beeld van het duizend jarig rijk waarin de volkeren gezegend zullen worden door Israel en genezing zullen ontvangen.

(5)- Paulus neemt een ander schip wat als kenteken Pollux en Castor draagt.  Dit kenteken op het schip staat voor gemini =tweeling, en dat  is een verwijzing naar de sterren,  naar de hemelse bestemming!  en verwijzing naar  Hem, ‘ de twee die één zijn’,  Hij kwam in vernedering ,en zal komen in heerlijkheid.

De bonnetjes
Onderdeel 1 van de samenvatting:
Het Schip = beeld van Israel . Als u de evangeliën leest, zal het u opvallen dat tientallen keren  de Heer leert vanuit een schip, slaapt in een schip, zijn discipelen roept vanuit een schip etc. Een paar voorbeelden.  Math.13:2, Marc.4:1  leren vanuit het schip,  Math.14:22 Jezus dwong zijn discipelen het schip in te gaan,  Math.14:32 de wind wordt stil zodra ze in het schip geklommen waren.

Graan over boord= Het woord komt  nu ook  beschikbaar voor de volkeren(zee) door Paulus (in deel 2 zal ik daar iets meer over vertellen onder het kopje honing).
Het beschikbaar stellen van geestelijk voedsel in de vorm van graan/koren vind u vaker terug in Gods woord. Als u  Gen.42 met een geestelijke bril leest, ziet u dat  Jozef, die inmiddels onderkoning! is (= het beeld van Christus) ,  het ‘graan’ , het voedsel, het woord, vanuit Egypte (waaruit alle volkeren zijn geworden),  aan Jacob (Israel) geeft .

Zee= beeld van de volkeren.  Openb.17:15 En hij zeide tot mij: De wateren, die gij zaagt, waarop de hoer gezeten is, zijn natiën en menigten en volken en talen.

Veertien = beeld van perioden. Sommige van deze perioden worden gekenmerkt door het ‘uit koers raken en niet (geestelijk) eten.
- Hand.27:27   Toen nu de veertiende (G5065) nacht was aangebroken, dat wij in de Adriatische Zee rondzwalkten ..vers 33 Het duurt nu reeds veertien dagen, …zonder eten en niets genuttigd hebt
Math.1:17 Al de geslachten dan van Abraham tot David zijn veertien geslachten en van David tot de Babylonische ballingschap veertien geslachten en van de Babylonische ballingschap tot de Christus veertien geslachten.

De andere teksten waarin het getal veertien voorkomt onderschrijven precies dat dit getal een verwijzing in zich heeft naar een periode . Bij Paulus wordt dit gekenmerkt door zijn bijzondere bediening voor de natiën .
 -2 Kor.12:2 Ik weet van een mens in Christus, veertien jaar is het geleden – of het in het lichaam was, weet ik niet, of dat het buiten het lichaam was…
-Gal 2.1  Daarna ging ik na verloop van veertien jaar weder naar Jeruzalem met Barnabas en nam ook Titus mede; 2 en ik ging op grond van een openbaring

Tot zo ver. Deel 2 zal (d.v.) deze week volgen.

Posted in Uncategorized | Leave a comment

Geen leven zonder hoop

In het begin van een ‘nieuw jaar’ wensen wij elkaar een zegen toe, de beste wensen en  een  gelukkig nieuwjaar. En hoewel we dit met de allerbeste intenties uitspreken of opschrijven, weten we dat gezondheid en geestelijke welstand niet voor iedereen  in het komende jaar is weggelegd.

Wat een somber begin , denkt u misschien, maar nu komt het beste. Als gelovige kan je in alle geloofsrust leven omdat er hoop is!  En dan bedoel ik niet ‘ ik hoop het maar (twijfel,twijfel,twijfel,zucht…..) , Neen, hoop in de vorm van vaste verwachting!

Het woord hoop komt veel voor in de bijbel. Het is belangrijk dat we elkaar bemoedigen met deze bijbelse ‘hoop’. Zien op  het dagelijks (aardse) leven is prima,  maar kracht en moed en blijdschap ontvangt u als u hoop heeft. Er is geen leven zonder hoop !

Hieronder een paar teksten om ons in de juiste ‘hoop verwachting’ te zetten

-Rom 5:4 ..daar wij weten, dat de verdrukking volharding uitwerkt, 4 en de volharding beproefdheid, en de beproefdheid hoop, en de hoop maakt niet beschaamd, omdat de liefde Gods in onze harten uitgestort is door de heilige Geest, die ons gegeven is

-Rom.15:13 De God nu der hope vervulle u met louter vreugde en vrede in uw geloof, om overvloedig te zijn in de hoop, door de kracht des heiligen Geestes

-Kol.1:5 om de hoop, die voor u is weggelegd in de hemelen. Daarvan hebt gij tevoren gehoord in de prediking der waarheid, het evangelie

-1 Thes.5:8 maar laten wij, die de dag toebehoren, nuchter zijn, toegerust met het harnas van geloof en liefde en met de helm van de hoop der zaligheid

-1 Tim.4:10 Ja, hierom getroosten wij ons moeite en grote inspanning, omdat wij onze hoop gevestigd hebben op de levende God, die een Heiland is voor alle mensen, inzonderheid voor de gelovigen.

Posted in Uncategorized | 1 Comment

Het einde overzien

   

De diepe rust die je als gelovige elke dag mag ervaren komt onder andere doordat we in één God geloven die het einde overziet en ook bij machte is om daar naar toe te werken. Daarom IS Hij de enige GOD.

Veel gelovige dichten de tegenstander (veel te) veel macht toe. Dat de tegenstander macht heeft, klopt tot op zekere hoogte.
-We lezen in Efez.2:2 dat de aioon van deze kosmos wordt beheerst door de overste van de volmacht der lucht .
-En weten vanuit Joh.8:44 dat de duivel een mensenmoorder van den beginne is. Hij (de duivel) is bij machte om te doden. Voor de duidelijkheid:  onze Heer heeft door de opstanding de macht OVER de dood. Hij maakt levend! Als u dat maar beseft.

Vandaag wil ik twee bijbelgedeelten benoemen waarin duidelijk wordt dat de duivel geen inzicht heeft in de tijd(en) en de gevolgen van zijn daden niet kan overzien. Hij handelt in de ijdele hoop dat het lot zijn kant op valt. U leest het goed, hij probeert, maar het zal niet lukken . Er zal geen overwinning volgen. Het betreft twee teksten die met de geboorte en het sterven en de opstanding van de Heer te maken hebben.

(1) -Math.2:16  Toen Herodes zag, dat hij door de wijzen misleid was, ontstak hij in hevige toorn en zond bevel om in Betlehem en het gehele gebied daarvan al de jongens van twee jaar oud en daar beneden om te brengen, in overeenstemming met de tijd, die hij bij de wijzen had uitgevorst
Het mag duidelijk zijn, dat Herodus ’een pion’ in de hand van de tegenstander is geweest. Het afschuwelijke bevel om al de jongens van twee jaar oud en daarbeneden om te brengen,  kan alleen  uit deze bron zijn voortgekomen.

Het doel van deze afgrijselijke daad was om de Heer te doden.  Heeft u er ooit bij stilgestaan dat de tegenstander niet wist dat Jozef en Maria met de Heer inmiddels naar Egypte waren gevlucht.  Hij had geen enkel inzicht in de (toekomende) tijd. Ook kent de tegenstander de schrift blijkbaar niet, of begrijpt hij de schrift niet , want anders had hij geweten dat in de profeten (Hos.11;1) een indirecte verwijzing staat : ‘Uit Egypte heb Ik mijn zoon geroepen’.

(2)-1 Kor.2:8 En geen van de beheersers dezer eeuw heeft van haar geweten, want indien zij van haar geweten hadden, zouden zij de Here der heerlijkheid niet gekruisigd hebben.
U ziet hier een hele simpele, maar rake conclusie . Als de duivel  ‘inzicht had gehad’, dan hadden ze de Heer der Heerlijkheid niet gekruisigd .  Want juist drie dagen na deze slachting (het kruisigen),  is de overwinning op de dood behaald, en dus op de tegenstander die  ’een mensen moordenaar van den beginne is’.
Als de tegenstander dit had geweten, dan had hij het nooit laten gebeuren. ook hier ziet u het totale gebrek aan inzicht.

Misschien denkt u als ‘tradiotioneel’ gelovige,  ja maar vele zullen toch uiteindelijk in de handen van de tegenstander vallen. Dus wat maakt het uit dat hij het einde niet kan overzien? Het overgrote deel van de mensheid zal toch ‘verloren gaan’!?

De weg is iets anders dan het doel. Daar bedoel ik mee. God overziet alle wegen en zal precies daar eindigen waar HIJ tevoren bepaald heeft.  Het einde ligt vast. Namelijk 1 Kor.15:20-28. Dat mensen een ‘eigen weg’ denken te kiezen is duidelijk.

Daarnaast moeten we ons bewust zijn dat het kwaad een functie heeft en een doel dient. In het bijbelboek Job leest u precies waartoe kwaad dient. 
-Job was (vers 1) oprecht, godvrezend en wijkende van het kwaad.
-(Vers 6 ) Op zekere dag nu kwamen de zonen Gods om zich voor de HERE te stellen, en onder hen kwam ook de satan.
Is God in paniek? niets van dat al. God spreekt gewoon met hem (Hij (GOD) kan immers het einde overzien)
-Satan gebruikt een valse rede om Job ‘in discrediet’ te brengen
-Let op wat er in vers twaalf staat. En de HERE zeide tot de satan: Zie, al wat hij bezit, zij in uw macht; alleen tegen hemzelf zult gij uw hand niet uitstrekken. Toen ging de satan van des HEREN aangezicht heen.
 Wie geeft toestemming? antw: God. Dus degene die alles overziet. Hij weet namelijk wat het zal uitwerken bij Job.
-In vers 14 tm 20 kunt u lezen wat satan (de mensen moordenaar) allemaal aanricht.

Er is ontzettend veel te zeggen over dit bijbelboek, maar ik wil me beperken tot het volgende. De uitwerking van al het kwaad dat de tegenstander , in zijn gebrek aan inzicht,  over Job deed komen, met toestemming van God , was dat Job in hoofdstuk 42 dit zegt:

Toen antwoordde Job de HERE:
2 Ik weet, dat Gij alles vermoogt, en dat geen uwer plannen wordt verijdeld.3 „Wie is het toch,die het raadsbesluit omsluiert zonder verstand?”Daarom: ik verkondigde, zonder inzicht,dingen, mij te wonderbaar en die ik niet begreep.4 „Hoor nu, en Ik zal spreken;Ik wil u ondervragen, opdat gij Mij onderricht.”5 Slechts van horen zeggen had ik van U vernomen,maar nu heeft mijn oog U aanschouwd.

Tegen de donkere achtergrond van het kwaad is Gods liefde zichtbaar geworden. Job heeft nu aan den lijve ondervonden wat de liefde God betekent .

Of met de apostel Paulus te eindigen (Rom.8:18) Want ik ben er zeker van, dat het lijden van de tegenwoordige tijd niet opweegt tegen de heerlijkheid, die over ons geopenbaard zal worden.

Posted in Uncategorized | Leave a comment

Waarom danken?

-(1 thes.5:18)  dankt onder alles, want dat is de wil Gods in Christus Jezus ten opzichte van u.
-(Kol.2:7)… zoals u geleerd is, overvloeiende in dankzegging.
-(1 Tim.4:4) Want alles wat God geschapen heeft, is goed en niets daarvan is verwerpelijk, als het met dankzegging aanvaard wordt

Waarom zou je als mens danken voor een situatie die niet prettig is?
Je geeft daarmee aan dat je je als schepsel onderschikt aan hetgeen De Schepper voor jou beschikt.
Je geeft daarmee aan dat je ‘de pottebakker’ (Rom.9:21) volledig vertrouwd en in Zijn dienst wil staan.

Veranderd daarmee de situatie?
Neen, maar jijzelf verandert. Vergis je niet. je bent voor Zijn verantwoording en Hij is bij machte oneindig veel meer te doen dan wij bidden of beseffen. (Efez.3:20)

Mogen we dan niet ‘een kritische houding’ hebben?
Natuurlijk mag je ‘kritische houding hebben’.  Graag zelfs, want hiermee geef je aan dat je niet zonder meer alles aanvaardt of gelooft . En toetsen of  iets juist is (in Gods woord), is het beste wat we kunnen doen.  Veel mensen koppelen een kritische houding aan iets negatiefs, maar  het kan positief zijn, vooral als je kritische houding voortkomt uit bezorgdheid.  Ik heb daar eerder iets over geschreven zie zorgen maken.

Posted in Uncategorized | Leave a comment

vernederde en verhoogde slang

In  mijn vorige BLOG heb ik iets verteld over de fysieke kenmerken van een slang. En dat al deze kenmerken van toepassing zijn  zijn op de tegenstander. 
 
Geschiedenissen waarbij een slang een rol speelt

Gen.3    De slang in de hof
Exod.7   Het vertoon van een wonderteken voor Farao, waarbij Mozes zijn staf een slang werd.
Num.21  De verhoogde slang op een banier.
Jes.11    Tijdens het vrederijk waar een zuigeling bij het hol van een adder zal spelen.
Joh.3:14  En gelijk Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, zó moet ook de Zoon des mensen verhoogd worden.
Hand.28:3 En toen Paulus een bos dor hout bijeengehaald had en op het vuur legde, kwam er door de hitte een adder uit en beet zich vast aan zijn hand. …….. Maar hij schudde het dier af in het vuur, zonder enig letsel te ondervinden.

Hebreeuws
In de Hebreeuwse taal zit een verband tussen woorden als een aantal stamletters gelijk zijn. Ook hebben de letters een waarde. Dezelfde woordwaarden geven ook een verband aan.
 
voorbeelden: Er bestaan verbanden tussen slang, Messias, een farao (Jer. 44:30) ,koper en een borstschild /schitteren (exod.28:15)

Hebreeuws voor slangnoen(50) chet(8) sjien(300) = nachasj = 358
Hebreeuws voor Messias = Mem(40) sjien(300) jod(10) chet(8) = Mesji­ach = 358
Hebreeuws voor ‘een farao’ = Chet(8) peh(80) resh(200) ayin (70) = Chophra = 358
Hebreeuws voor koper = noen(50) chet(8) sjien(300) taw(400) = nechosjet
Hebreeuws voor borstschild, schitteren = chet(8) sjien(300) noen(50) = 358

diepgang
Als we met deze kennis de bovenstaande geschiedenissen lezen, dan krijgen deze geschiedenissen een geestelijke diepgang.

(Num.21)  Toen zond de HERE vurige slangen (seraf  H8314)  onder het volk,  die beten het volk,  zodat er velen van Israël stierven.  Daarop kwam het volk tot Mozes en zeide: Wij hebben gezondigd, want wij hebben tegen de HERE en tegen u gesproken; bid tot de HERE, dat Hij de slangen van ons wegdoe…….. Toen maakte Mozes een koperen (H5178) slang (H5175) en plaatste die op een staak, en wie, wanneer een slang hem gebeten had, op de koperen slang de blik richtte, bleef in leven

In Joh. 3 staat dat de Heer Jezus tegen Nikodemus, een overste der Joden zei:  en gelijk Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, zó moet ook de Zoon des mensen verhoogd worden. Het geestelijke beeld in Num.21 is nu duidelijk.

-Graag wil ik u wijzen op een andere verwijzing naar de toekomst. In num.20 staat dit :
Mozes nu zond uit Kades (betekent heilig) boden tot de koning van Edom (betekent rood~verband met aarde) …..Laat ons toch door uw land trekken, wij zullen niet door akkers en wijngaarden trekken en wij zullen geen welwater drinken, de koninklijke weg zullen wij gaan…..Toen nu Edom weigerde Israël door zijn gebied te laten trekken, boog Israël zijwaarts van hem af.

Ik vroeg mij af waarom Israel afboog,    temeer omdat in hoofdstuk 21 dit staat …Doch Sichon (de koning der Amorieten) stond Israël niet toe door zijn gebied te trekken, maar verzamelde zijn gehele krijgsmacht en trok Israël tegemoet de woestijn in, en gekomen bij Jahas, streed hij tegen Israël.

Deze vraag wordt m.i. duidelijk, wanneer je beseft dat in de toekomst de Heer zelf (De Koning) hen zal leiden over de koninklijke weg, zoals in Micha 2 vers 12 tm 14 staat beschreven. Het was in ‘Num.20’  nog niet de juiste tijd voor het volk om over de koninklijke weg naar het land te trekken. Dat is aan De Heer voorbehouden! Num 21 zou dus ook een verwijzing kunnen zijn naar die toekomst. Het gif van de vijand (de vurige slangen) zal hen dan geen kwaad doen omdat de verhoogde Heer (Christus Jezus) met hen is

(Micha 2: 12 tm 14: Ik zal hen bijeenbrengen als schapen in een kooi  , als een kudde in het midden der weide. Het zal er gonzen van mensen. 13 De doorbreker trekt vóór hen op; zij breken door en trekken door de poort en gaan daardoor uit; en hun koning trekt vóór hen uit, en de HERE aan hun spits)

Exod.7:10-12 Mozes en Aäron kwamen tot Farao en zij deden, zoals de HERE geboden had; Aäron wierp zijn staf neer voor het aangezicht van Farao en zijn dienaren, en hij werd een slang. 11 Daarop riep Farao van zijn kant de wijzen en de tovenaars en ook zij, de Egyptische geleerden, deden door hun toverkunsten hetzelfde. 12 Ieder wierp zijn staf neer en deze werden tot slangen; de staf van Aäron echter verslond hun staven.

Het beeld in deze geschiedenis is dat de ‘verhoogde slang’ (Christus Jezus)  zal overwinnen over ’de vernederde slang’ (satan) . Iets wat ik Schriftuurlijk niet kan onderbouwen, maar toch wil noemen is dat er in de natuur een slang is die niet giftig is, wel kan ruiken en andere slangen op het menu heeft staan. En laat deze nu net koningsslang heten. Toeval? Ik geloof van niet. De natuur (de schepping) verteld ons meer dan we beseffen. Als u dan ook nog weet dat de staf een heenwijzing is naar de opstanding, dan ziet u ook in dit schriftgedeelte het evangelie in een notendop.

Door de lengte van het stuk wil ik het nu hierbij laten, maar het is mijn intentie om nog iets te schrijven over Paulus en de adder , en onze Heer die de Farizeeërs addergebroed noemt.

Posted in Uncategorized | Leave a comment

Voorbeelden uit de natuur

Tijdens de bijbelstudie ‘eeuwigheid of aeonen?’ werd ik getroffen door het plaatje van een slang. Het was zeer goed zichtbaar dat de slang een gespleten tong heeft. Iedereen begreep direct dat het plaatje een beeld was van de tegenstander, die de slang IS (Openb.20:2), en met een ‘dubbele tong’ spreekt. 

De schrift is doorweven van symboliek. De schepping is doorweven van symboliek. Vandaag wil ik een aantal opvallende fysieke eigenschappen van de (vernederde) slang met u doornemen. Het is daarbij heel opvallend dat al die kenmerken direct toepasbaar zijn op de satan, de duivel (**1). Het is een voorbeeld vanuit de natuur die ons veel verteld over de tegenwerker.

(**1 – satan= Hebreeuws en betekent tegenstander, duivel = Grieks en betekent dooreenwerper)

(A)- De tong van een slang is gespleten . Staat symbool voor leugen en verwarring en verdraaiing.
*(Gen.3:4) De slang echter zeide tot de vrouw: Gij zult geenszins sterven..
* (Math.12:34) Adderengebroed, hoe kunt gij, die slecht zijt, iets goeds zeggen?
*(2 Kor.11:3) Maar ik vrees, dat misschien, zoals de slang met haar sluwheid Eva verleidde, uw gedachten van de eenvoudige toewijding aan Christus afgetrokken zullen worden

(B)- Slangen ruiken niet met hun neus. Slangen hechten geurdeeltjes aan hun (gespleten) tong.
Reuk en geur  hebben (in iedergeval in het N.T) te maken met de opstanding, en met kennis van Zijn woord. Het ontbreken van dit vermogen , dus om ‘de geur van de opgestane Heer’ en  kennis van Zijn woord op te nemen, zegt denk ik genoeg.
*2 Kor.2:14-15  Maar God zij gedankt, die ons te allen tijde in Christus doet zegevieren en de reuk van zijn kennis allerwegen door ons verspreidt, 15 want wij zijn voor God een geur van Christus onder hen, die gered worden

(C)- Een slang heeft een beperkt zicht, omdat hij geen beweeglijke oogleden heeft. (de irisspier en retractorspier ontbreken )
De tegenstander mist het ‘inzicht en doorzicht’ in het heilshandelen van God met Zijn schepping.  
*Gen.3 En Ik zal vijandschap zetten tussen u en de vrouw, en tussen uw zaad en haar zaad (de Here); dit zal u de kop vermorzelen(de slang zal verslagen worden, de dood zal overwonnen worden) en gij zult het de hiel vermorzelen (de Here zou sterven, maar wat de tegenstander niet wist, is dat de Here de dood zou overwinnen, en de slang zou verslaan)
*1 Kor.2:8 En geen van de beheersers dezer eeuw heeft van haar geweten, want indien zij van haar geweten hadden, zouden zij de Here der heerlijkheid niet gekruisigd hebben!!.

(D)-Slangen bezitten wel het oorbotje maar hebben geen middenoor en ook een trommelvlies ontbreekt. Ze kunnen dus niet horen maar wel geluiden met een lage frequentie waarnemen.
We weten dat geloof door horen komt. De slang is dus zo geschapen!(**2)
*(Ps.58:5) Hun venijn is gelijk het venijn van een slang, als een dove adder, die haar oor toesluit.
*(Rom.10:17) Zo is dan het geloof uit het horen, en het horen door het woord van Christus

(**2 – Job.26:13 letterlijk Zijn hand leed geboortepijnen om de snelle slang)

(E)-Slangen zijn solitaire dieren.
Dit in tegenstelling tot gelovigen. In de praktijk hebben we medegelovigen nodig om elkaar  te bemoedigen.
*Gen.2:18 En de HERE God zeide: Het is niet goed, dat de mens alleen zij
*Hebr.10:24 En laten wij op elkander acht geven om elkaar aan te vuren tot liefde en goede werken. Wij moeten onze eigen bijeenkomst niet verzuimen, zoals sommigen dat gewoon zijn, maar elkander aansporen

(F)-Het hart heeft geen vaste plaats maar is in een vlies gepositioneerd zodat het kan meebewegen tijdens het doorslikken van een prooi zodat geen schade wordt toegebracht.
Het hart staat voor de  diepste ik. Alle motieven voor gedragingen vinden hier hun oorsprong. Iedereen kent bijvoorbeeld deze uitdrukkingen: je hart breken (diep verdriet),  je hand over je hart strijken (vergeven),  je hart laten spreken (diepe gevoelens). De Schrift sprrekt ook over het hart
*Spr.4:23 Behoed uw hart boven al wat te bewaren is, want daaruit zijn de oorsprongen des levens
*Spr.15:13 Een blij hart maakt het aangezicht vrolijk, maar door harteleed wordt de geest verslagen. Het hart van de verstandige zoekt kennis….
*Jer.17:10 Ik, de HERE, doorgrond het hart en toets de nieren, en dat, om aan een ieder te geven naar zijn wegen, naar de vrucht zijner daden

Ik heb lang  in de Schrift  gezocht en nagedacht,  maar ik kwam niet goed uit het feit dat bij een slang het hart niet ‘vastzit’ op één plek. Zou het misschien mogelijk kunnen zijn, dat de beweegredenen , die hun oorsprong vinden in het hart, niet vanuit één vaste plek (vanuit één bron), maar vanuit meerdere bronnen gevoed worden?

(G)-Gif van een slang dient o.a. als ‘verteringssap’ met de dood als gevolg
Dit zien we al in de hof waar de figuurlijke beet van de slang de dood tot gevolg had!
*Gen.2:17 maar van de boom der kennis van goed en kwaad, daarvan zult gij niet eten, want ten dage, dat gij daarvan eet, zult gij voorzeker sterven. Er staat letterlijk : stervende sterven.

(H) – een slang beweegt zich kronkelend voort op zijn buik.
Het evangelie (goede bericht) is een ‘recht’ evangelie. We hebben een vast fundament en worden niet heen en weer geslingerd. De buik, en ‘door het stof gaan’ heeft  met vernedering te maken
Gal.2:14  Maar toen ik zag, dat zij niet de rechte weg bewandelden naar de waarheid van het evangelie..
Efez.4:14 Dan zijn wij niet meer onmondig, op en neder, heen en weder geslingerd onder invloed van allerlei wind van leer
*Fil.3:19 Hun einde is het verderf, hun God is de buik

Het is mijn intentie om in de volgende BLOG iets over de koperen slang uit Num.21:9 en Joh.3 te vertellen.

Posted in Uncategorized | 1 Comment

Timoteüs en Titus

Waarom werd Timoteüs besneden en Titus niet?
 
Wie is Timoteüs?
- (Hand.16:1) In Lystra woonde een discipel genaamd Timoteüs (betekent: God vererend of God vrezend).
- (Hand.16;1) Hij was de zoon van een gelovige Joodse vrouw, maar van een Griekse vader.
- (2 Tim.1:5)  De moeder van Timoteüs heette Eunike, en zijn grootmoeder Loïs .
- (2 Tim.3:15) Van jongs af hielden zij Timoteüs de heilige geschriften voor
- (Hand.16:2) Hij had een goed getuigenis van de broeders in Lystra en Ikonium
- (1 Kor. 4:17) Paulus noemt Timoteüs later zijn geliefd en trouw kind in de Here
 
Waarom werd Timoteus besneden?
- (Hand.16:3) Timoteüs werd door Paulus besneden ter wille van de Joden .
- (Hand.13:5, 14:1; 17:2).  Als Paulus Joodse gemeenschappen bezocht , dan ging hij eerst in de synagogen
- Timoteüs zou hem volstrekt niet van dienst hebben kunnen zijn als hij niet besneden was. De Joden wilden immers geen omgang met een ‘onbesnedene’ hebben. Bovendien wisten alle Joden in Lystra en Ikonium dat Timoteüs de zoon van een Griek was. 
 
- Dat het terwille van de Joden was blijkt ook uit (1 Kor. 7:18-19 en  Gal. 5:6). waar hij zegt dat de besnijdenis niets is, en het onbesneden zijn niets, maar de onderhouding van Gods geboden .  Hij vond het ook niet noodzakelijk om Titus, eveneens een Griek, te laten besnijden (Gal. 2:3) Dit was om binnengeslopen valse,  Judaïstische broeders de mond te snoeren. Zij waren namelijk binnengekomen om de vrijheid, die de gelovigen in Christus Jezus hebben, te bespieden. Zij wilden de gelovigen tot slavernij brengen (slaven van de wet ).  Titus laten besnijden, zou een tegemoetkoming aan deze Judaïsten zijn. Voor hen is Paulus  geen ogenblik gedwee uit de weg gegaan door zich aan hen te onderwerpen. Hier was de waarheid van het evangelie in het geding (Gal. 2:3-5).
 
Het doel dat Paulus met Timoteüs had, was van hele andere aard. In de eerste plaats wilde Paulus de gemeenten gaan versterken (Hand. 15:36,41; 16:5)
Dat Timoteüs zich ‘moest’ laten besnijden was van ‘praktische’ aard. Dit was nodig om de Joden voor de Heer Jezus te winnen. Als het om het winnen van zielen gaat, zegt Paulus:
(NBG 1 Kor. 9:20-22) en ik ben voor de Joden geworden als een Jood, om Joden te winnen; hun, die onder de wet staan, als onder de wet – hoewel persoonlijk niet onder de wet – om hen, die onder de wet staan, te winnen;  hun, die zonder wet zijn, ben ik geworden als zonder wet – hoewel niet zonder de wet van God, want ik sta onder de wet van Christus – om hen, die zonder wet zijn, te winnen.

Posted in Uncategorized | Leave a comment